Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Scabiës

fediverbeek
Een overzicht voor huisartsen over scabiës: klinische kenmerken, diagnostiek, behandeling en aanpak van contacten en uitbraken.
Unsplash

Scabiës (schurft) is een besmettelijke huidaandoening veroorzaakt door de mijt Sarcoptes scabiei var. hominis. De aandoening komt frequent voor en kan zich snel verspreiden binnen gezinnen, zorginstellingen en andere groepssettings. Tijdige herkenning en een gestructureerde aanpak zijn noodzakelijk om transmissie te beperken.

 

Pathofysiologie en transmissie

De vrouwelijke mijt graaft gangetjes in de stratum corneum waarin zij eitjes legt. De klachten ontstaan voornamelijk door een vertraagde overgevoeligheidsreactie op mijten, eieren en feces.

 

Besmettingsroute

  • direct huid-op-huidcontact (meest voorkomend)
  • indirect via textiel (minder frequent, maar relevant bij crustosa scabiës)

De incubatietijd bedraagt doorgaans 2–6 weken bij een eerste infectie en is korter bij herinfectie.

 

Klinisch beeld

Kenmerkende symptomen

  • hevige jeuk, vooral ’s nachts
  • papels, vesikels en excoriaties
  • gangetjes (scabiësgangen), zichtbaar als dunne, kronkelende lijntjes

Voorkeurslocaties

Bij volwassenen:

  • interdigitale ruimten
  • polsen
  • oksels
  • periumbilicaal
  • genitaliën

Bij kinderen en zuigelingen:

  • ook gelaat, handpalmen en voetzolen

Congres
Huidproblematiek
Praktische inzichten en handvatten voor de zorgpraktijk.


Bekijk congres →

Congres Huidproblematiek

Varianten

Klassieke scabiës

De meest voorkomende vorm, met beperkte aantallen mijten.

 

Scabiës crustosa (Norvegica)

  • uitgebreide hyperkeratotische laesies
  • zeer hoge mijtenlast
  • vaak bij immuungecompromitteerde patiënten

Deze vorm is sterk besmettelijk en vraagt om een intensievere behandeling.

 

Diagnostiek

De diagnose wordt meestal klinisch gesteld op basis van:

  • typische jeukklachten (nachtelijke verergering)
  • karakteristieke laesies en lokalisatie
  • klachten bij gezinsleden of contacten

Aanvullend onderzoek

Indien nodig:

  • dermatoscopie (zichtbaar maken van de mijt)
  • microscopie van huidafkrabsels

Bij twijfel kan verwijzing overwogen worden.

 

Behandeling

Een succesvolle behandeling vereist gelijktijdige aanpak van de patiënt en alle nauwe contacten.

 

Lokale behandeling

Permetrine 5% crème

Eerste keus:

  • aanbrengen op het gehele lichaam (inclusief achter oren, navel, genitaliën en onder nagels)
  • bij volwassenen vanaf de kaaklijn naar beneden, bij kinderen ook het hoofd
  • 8–12 uur laten inwerken
  • herhalen na 7 dagen

Systemische behandeling

Ivermectine oraal

Indicaties:

  • therapiefalen
  • uitgebreide besmetting
  • scabiës crustosa
  • situaties waarin lokale behandeling lastig uitvoerbaar is

Dosering op gewicht, meestal herhaald na 7–14 dagen.

 

Behandeling van contacten

Alle nauwe contacten (huisgenoten, seksuele partners) dienen gelijktijdig behandeld te worden, ongeacht klachten.

 

Aanvullende maatregelen

  • kleding, beddengoed en handdoeken wassen op ≥60°C
  • niet-wasbare items 72 uur apart bewaren

Deze maatregelen verminderen de kans op herbesmetting.

 

Jeuk na behandeling

Jeuk kan nog enkele weken aanhouden na succesvolle behandeling (post-scabiës jeuk). Dit betekent niet per se therapiefalen.

Behandeling kan bestaan uit:

  • indifferente middelen
  • eventueel milde corticosteroïden
  • antihistaminica bij hinderlijke jeuk

Indicaties voor verwijzing

  • diagnostische onzekerheid
  • vermoeden van scabiës crustosa
  • therapieresistentie
  • uitbraken in instellingen

Rol van de huisarts bij uitbraken

De huisarts kan een coördinerende rol hebben bij:

  • signaleren van clusters
  • instrueren van patiënten en contacten
  • afstemming met GGD bij grotere uitbraken

Heldere communicatie is van belang om verspreiding te beperken.

 

Tot slot

Scabiës is een frequent voorkomende en besmettelijke aandoening in de huisartsenpraktijk. Herkenning van het klinisch beeld en een gelijktijdige behandeling van patiënt en contacten zijn bepalend voor het succes. Door een gestructureerde aanpak en goede voorlichting kan verdere transmissie worden voorkomen.