Hartklepafwijkingen | Auscultatiekenmerken bij mitralisklepinsufficiëntie

Mitralisklepinsufficiëntie veroorzaakt terugstromen van bloed naar de linkerboezem tijdens de kamercontractie (systole). De oorzaken van mitralisklepinsufficiëntie zijn te onderscheiden in organisch (primair) en functioneel (secundair).

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

In het geval van organische mitralisklepinsufficiëntie is er sprake van een afwijking aan het klepapparaat zelf. Functionele mitralisklepinsufficiëntie ontstaat niet door een afwijking aan de klep zelf, maar door het afwijkend functioneren van de linkerkamer, bijvoorbeeld na ischemie. Daardoor kan regionale disfunctie ter plaatse van het subvalvulaire apparaat en eventueel ook verwijding van de klepring (annulusdilatatie) optreden, met mitralisklepinsufficiëntie tot gevolg. Ook chronisch boezemfibrilleren kan leiden tot annulusdilatatie en zodoende tot lekkage van de mitralisklep.

Tabel Auscultatiekenmerken bij mitralisklepinsufficiëntie.

Harttonen
zachte eerste harttoon (S1):
–  onvolledige sluiting van de klep bij ernstige lekkage
luide tweede component (IIp) van de tweede harttoon (S2):
– bij pulmonale hypertensie
derde harttoon (S3):

–  bij een groot lekvolume ploft tijdens de vroege vullingsfase veel bloed uit de boezem in de kamer, hetgeen een S3 geeft
–  S3 is altijd aanwezig bij een groot lekvolume

Extra tonen
systolische klik:
  • bij mitralisklepprolaps
  • het doorslaan van de klep kan gepaard gaan met een klikkende toon, waarna een mid-laatsystolisch geruis ontstaat (vanaf de klik na S1 tot voorbij S2)
Hartgeruis
holosystolisch (soms laatsystolisch), hoogfrequent, blazend en bandvormig, punctum maximum aan de apex:
  • vanwege een groot drukverschil tussen de druk in de linkerkamer en de linkerboezem tijdens de systole
  • vanaf S1 begint de klep te lekken en dit duurt tot de druk in de linkerkamer lager is dan in de linkerboezem, dus voorbij S2
  • bij mitralisklepprolaps is de uitstraling van het geruis afhankelijk van het prolaberende blad

Bron: Cardiovasculaire ziektebeelden, hoofdstuk 5 Hartfalen