Jongeren met depressieve klachten: recente ontwikkelingen
Volgens de Gezondheidsenquête van het CBS (2025) gaf in 2024 4,6% van de jongeren van 12 tot 18 jaar aan dat zij in het afgelopen jaar minstens zes maanden depressieve gevoelens hadden. Dit percentage ligt lager dan in 2023 (7%), maar blijft hoger dan vóór de coronaperiode.
De cijfers laten een wisselend verloop zien:
| Jaar | Percentage jongeren (12–18 jaar) met depressie afgelopen 12 maanden |
|---|---|
| 2015 | 2,8% |
| 2016 | 3,8% |
| 2017 | 2,0% |
| 2018 | 5,2% |
| 2019 | 3,9% |
| 2020 | 3,7% |
| 2021 | 6,9% |
| 2022 | 6,2% |
| 2023 | 7,0% |
| 2024 | 4,6% |
Oudere jongeren rapporteren vaker depressieve klachten dan jongere leeftijdsgroepen. In 2024 meldde 8,5% van de 16- tot 20-jarigen depressieve gevoelens, tegenover 2,6% van de 12- tot 16-jarigen.
Deze cijfers zijn gebaseerd op zelfrapportage, en geven dus aan hoe jongeren hun eigen psychische gezondheid ervaren, niet hoeveel er formeel zijn gediagnosticeerd.
Gediagnosticeerde depressie bij de huisarts
Uit de huisartsenregistraties van Nivel (De Staat van Volksgezondheid en Zorg, 2025) blijkt dat het aantal jongeren met een vastgestelde depressieve stoornis toeneemt naarmate zij ouder worden.
| Leeftijdsgroep | Mannen (per 1.000) | Vrouwen (per 1.000) |
|---|---|---|
| 0–4 jaar | 0,1 | 0,0 |
| 5–9 jaar | 0,1 | 0,0 |
| 10–14 jaar | 0,6 | 2,0 |
| 15–19 jaar | 5,8 | 12,2 |
| 20–24 jaar | 15,1 | 31,0 |
Bij meisjes tussen 15 en 24 jaar ligt het aantal diagnoses beduidend hoger dan bij jongens. Dit verschil sluit aan bij bredere epidemiologische trends waarin vrouwen vaker depressieve klachten rapporteren.
Depressie bij jongeren: signalen en klachten
Een depressie bij jongeren verloopt vaak anders dan bij volwassenen. Jongeren laten minder vaak teruggetrokken of uitgesproken somber gedrag zien. In plaats daarvan zijn zij vaak prikkelbaar, snel overbelast of vermoeid.
Veelvoorkomende kenmerken:
- somberheid of prikkelbaarheid;
- verlies van interesse in school of hobby’s;
- vermoeidheid, slaapproblemen of lichamelijke klachten;
- concentratieproblemen;
- negatieve gedachten of gevoelens van waardeloosheid;
- terugkerende doodsgedachten.
Voor een diagnose moeten meerdere van deze symptomen minstens twee weken aanhouden.
Mentaal welbevinden in 2025: dalende trend
Uit het Gezondheidsonderzoek COVID-19 (zestiende kwartaalmeting, 2025) blijkt dat het mentale welzijn van jongeren opnieuw is gedaald.
De gemiddelde MHI-5-score daalde tussen maart en juni 2025 van 69 naar 67. Deze score, gebaseerd op vragen over depressie- en angstgevoelens, laat zien dat jongeren zich vaker gespannen, somber of onzeker voelen dan eerder dit jaar.
Na een periode van herstel in 2023 leek het mentale welbevinden stabiel, maar de recente daling wijst op een terugkeer van stress en spanning onder jongeren.
Toename van stress en spanning
In juni 2025 gaf 48% van de jongeren aan zich vaak gestrest te voelen – de derde stijging op rij sinds 2022. De voornaamste bronnen van stress zijn:
- school of studie (28%),
- problemen in de thuissituatie,
- eigen zorgen of onzekerheden,
- de mening van anderen,
- financiële of maatschappelijke druk.
Jongeren noemen daarnaast stress door “alles wat ze moeten doen”: huiswerk, werk, sociale verplichtingen of online verwachtingen.
Voor huisartsen is het zinvol om stressklachten niet los te zien, maar te herkennen als mogelijke indicator van psychische overbelasting of beginnende depressie.
Toenemende eenzaamheid
In juni 2025 voelde bijna de helft (48%) van de jongeren zich enigszins tot sterk eenzaam — een duidelijke stijging vergeleken met maart (43%). Deze ontwikkeling komt na een periode van relatieve stabiliteit sinds 2024.
Eenzaamheid versterkt gevoelens van somberheid en draagt bij aan het ontstaan of aanhouden van depressieve klachten. Jongeren die zich sociaal buitengesloten voelen, melden vaker een negatief zelfbeeld en meer stress in hun dagelijks leven.
Suïcidale gedachten onder jongeren
Een ander zorgpunt is de toename van zelfdodingsgedachten. In juni 2025 gaf 15% van de jongeren aan in de afgelopen drie maanden serieus te hebben gedacht aan zelfdoding — bijna een verdubbeling ten opzichte van 2021 (8%).
Jongeren koppelen deze gedachten aan een opeenstapeling van negatieve ervaringen:
- traumatische gebeurtenissen,
- conflicten met familie of vrienden,
- pestgedrag,
- gevoelens van eenzaamheid en zinloosheid.
Tegelijkertijd noemden zij steun van naasten, afleiding en plezierige activiteiten als helpende factoren. Deze inzichten benadrukken het belang van vroegtijdige signalering en open gesprekken over suïcide binnen de eerste lijn.
Breder perspectief: trends 2020–2024
Uit onderzoek blijkt dat het aantal mensen met een ernstige depressie tussen 2020 en 2024 aanzienlijk is toegenomen, vooral tijdens de coronaperiode.
- Bij jongeren (12–25 jaar) verdubbelde het aandeel met psychische klachten in 2021 ten opzichte van 2019.
- Jongvolwassen vrouwen (18–25 jaar) vormden in 2022 de grootste risicogroep met meer dan 20% ernstige depressieklachten.
- Bij volwassenen nam het aantal klachten gematigd toe, terwijl het percentage bij ouderen relatief stabiel bleef.
De pandemie werkte als katalysator: bestaande spanningen namen toe, vooral bij jongeren die al kwetsbaar waren. Sinds 2022 is sprake van stabilisatie, maar het niveau van vóór corona is nog niet bereikt.
Betekenis voor de huisartsenpraktijk
Huisartsen zien jongeren vaak voor lichamelijke of vage klachten waarbij psychische factoren meespelen. De recente cijfers laten zien dat stress, eenzaamheid en depressieve gevoelens samenhangen en dat signalen vroeg zichtbaar kunnen zijn.
Belangrijke aandachtspunten:
- vraag door naar stemming en belastbaarheid bij terugkerende lichamelijke klachten;
- betrek ouders of school wanneer functioneren afneemt;
- bespreek openlijk suïcidale gedachten, zonder oordeel;
- verwijs tijdig naar passende hulpverlening of jeugd-GGZ.
Door in gesprek te blijven, kunnen huisartsen bijdragen aan vroegtijdige herkenning en ondersteuning van jongeren die het psychisch zwaar hebben.
Tot slot
Hoewel het percentage jongeren dat zichzelf depressief noemt in 2024 is gedaald, wijzen de bredere trends op blijvende druk op hun mentale gezondheid. Stress, eenzaamheid en suïcidale gedachten nemen toe, vooral bij oudere tieners en jongvolwassen vrouwen.
Voor huisartsen blijft het van belang alert te zijn op subtiele signalen en laagdrempelige gesprekken te voeren over stemming, stress en draagkracht. Vroegtijdige herkenning kan het verschil maken tussen tijdelijke somberheid en een langdurige depressieve stoornis.





