Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde relevant voor de huisarts

Waarom is gendersensitieve huisartsgeneeskunde van groot belang in de huisartsenpraktijk? We stelden tien vragen aan prof. dr. Toine Lagro-Janssen, em hoogleraar Vrouwenstudies Medische Wetenschappen en kaderhuisarts urogynaecologie np en dr. Doreth Teunissen, huisarts/senior onderzoeker en coördinator kaderopleiding urogynaecologie.
patienten lassen sich im wartezimmer aufrufen Usage: Real-online-workflow (2019) Usage: Online (20190319) Usage: Online (20190322) Usage: Online (20211006) *** Local Caption *** © Racle Fotodesign / stock.adobe.com

 

 

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde: waar staat het voor en waarom is het relevant voor de huisarts?

“Gendersensitieve geneeskunde houdt rekening met de biologische verschillen tussen mannen en vrouwen (sekse) maar ook met de psychosociale (gender) verschillen. In de spreekkamer is dit van belang omdat sekse en gender invloed hebben op het ontstaan van klachten, de symptoomperceptie, klachten presentatie en communicatie. Ook speelt het een rol in de benadering en behandeling van de patiënt door de hulpverlener. Gendersensitieve geneeskunde is van belang om zowel mannen als vrouwen optimaal te kunnen behandelen.”

Hoe kan (of moet) de huisarts in de praktijk invulling geven aan gendersensitieve huisartsgeneeskunde?

“De huisarts dient zich voortdurend af te vragen of in deze fase van het consult, bij deze klacht en bij deze persoon het uitmaakt of de patiënt een man of een vrouw is.”

Was er onlangs bij de corona-epidemie voldoende aandacht voor genderdiversiteit? En waarom is dit van belang?

“In de corona-epidemie was er helaas niet voldoende aandacht voor sekse en gender. In een recente studie is bij 4.420 geregistreerde studies naar therapeutische interventies en vaccinaties voor Covid 19 gekeken in hoeverre er rekening is gehouden met sekse en gender. Daarbij kwam men tot de conclusie dat slechts in 21,2 procent van de studies de resultaten werden uitgesplitst naar mannen en vrouwen. In slechts 5,4 procent van de studies is er in de opzet van de studie, dus selectie van de deelnemers, power, et cetera, al rekening gehouden met mogelijke verschillen tussen mannen en vrouwen. Nu blijkt dat de ernstige trombotische bijwerking van het AstraZenica-vaccin vooral bij jongere vrouwen voorkomt. Mogelijk was dit eerder erkent als vanaf de opzet van de studies al rekening was gehouden met mogelijk verschillen tussen mannen en vrouwen.”

Klachtgerelateerdheid: zijn er specifieke aandoeningen of ziekten waarbij gendersensitiviteit een nóg belangrijke(re) rol speelt. Kunt u hier een voorbeeld van geven?

“Ischemische hartziekten is een van de aandoening waarbij de afgelopen jaren veel aandacht is geweest voor verschillen tussen mannen en vrouwen. Kennis over klachten, diagnostiek en behandeling van cardiale ischemie was jarenlang gebaseerd op kennis uit studies bij blanke mannen. Inmiddels is bekend dat vrouwen met cardiale ischemie zich doorgaans met andere klachten presenteren. Dit wordt verklaard doordat de achterliggende pathofysiologie bij vrouwen vaak anders is. Vrouwen hebben veel vaker een probleem in de kleine coronairvaten en mannen in de grote. Dit betekent dat als je cardiale ischemie bij deze groep vrouwen wilt aantonen je ander onderzoek moet doen. Ook de behandeling is anders.”

Hoe gaan vrouwen en mannen om met pijn, en welke genetische verschillen zijn relevant voor goede zorg?

“Pijn komt bij vrouwen vaker voor in vergelijking tot mannen, en pijn wordt bij vrouwen ook anders ervaren. Vrouwen hebben een lagere pijndrempel, onder andere veroorzaakt door een andere pathofysiologie van pijn waarbij hormonen een rol spelen. Daarnaast spelen psychosociale verschillen tussen mannen en vrouwen een rol, zeker als we het hebben over chronische pijn. Vrouwen zoeken sneller hulp voor de pijn en hebben bovendien meer de neiging om klachten te zien als een ziekte of de klachten te catastroferen. Ze zetten de pijn vaker centraal, gaan meer piekeren, hebben last van schuldgevoelens en voelen de behoefte om er met anderen over te praten. Mannen daarentegen hebben meer de neiging de pijn te negeren en afleiding te zoeken in sporten, veel werken of het drinken van alcohol.”

Speelt het hebben van een voorkeur voor een mannelijke of vrouwelijke huisarts een grote rol bij patiënten Nederland? En zo ja, voor welke klachten geldt dit met name?

“Bijna vier op de tien vrouwen heeft liever een vrouwelijke huisarts. Mannen spreken minder vaak een voorkeur uit voor een huisarts van het eigen geslacht. Vrouwen verkiezen vooral een vrouwelijke huisarts bij genitale klachten, seksuele problemen, vrouwspecifieke klachten en psychologische problemen. Deze voorkeur komt het meeste voor in de jongere generatie vrouwen.”

Communiceren vrouwelijke en mannelijke huisartsen anders? En zo ja, wat zijn de drie grootste verschillen?

“Er zijn zeker verschillen in communicatie. De mannelijke communicatiestijl is meer zakelijk en gestructureerd, vrouwen communiceren vaker affectief en zijn meer gericht op partnerschap. Onderbrekingen van vrouwelijke artsen zijn vaker ondersteunend en aanmoedigend dan die van mannelijke artsen.”

Speelt gendersensitiviteit een rol bij het stoppen met roken?

“Roken is een verslaving die bij een op de vier mannen en bij 18 procent van de vrouwen voorkomt. Vrouwen zijn gevoeliger voor longkanker, hart- en vaatziekten door roken (zeker bij gebruik van de anticonceptiepil) en er is een kans op zwangerschapscomplicaties bij de 17 procent van de rokers in de zwangerschap. Vrouwen vallen door craving, depressie en angststoornis, na stoppen met roken vaker terug dan mannen.”

Farmacotherapie m/v, moet de huisarts hierin verschil maken?

“Sekseverschil in biologie leidt tot verschil in farmacokinetiek en respons op medicatie. Drie oorzaken geïllustreerd aan het antipsychoticum olanzapine.

  1. Premenopauzale vrouwen hebben een snellere en significant hogere respons op antipsychotica, onder andere door de hogere oestrogeenspiegel.
  2. Olanzapine wordt omgezet door een enzym (CYP1A2), dat bij vrouwen lager is dan bij mannen. Het kan toxisch hoog worden, zeker als er nog een CYP1A2-remmer bij wordt ingenomen, zoals grapefruitsap, fluvoxamine of ciprofloxacine.
  3. Olanzapine verlengt de QTc-tijd. Vrouwen hebben een hoger risico op een verlengde QT-tijd, en een verlengd QTc-interval kan leiden tot dodelijke hartritmestoornissen.

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde/persoonsgerichte zorg: hoe kunnen de geïnteresseerde huisartsen hier nu vervolgens (praktisch) mee aan de slag gaan in hun eigen praktijk?

Dat in drie stappen:

  1. Bewustwording dat sekse-en genderverschillen gevolgen hebben voor ziekte en gezondheid van mensen, en daar in ieder consult open voor staan.
  2. Kennis verwerven over die verschillen door deskundigheidsbevorderende activiteiten, zoals leerboeken, e-learnings, et cetera.
  3. De kennis kunnen toepassen door het volgens van trainingen en/workshops.

Beeld: © Racle Fotodesign / stock.adobe.com


BoekenTip

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde | Een handboek voor de praktijk (NIEUW)

Meer informatie en aanschaf >>

Dit boek helpt huisartsen om kennis over verschillen tussen vrouwen en mannen in ziekte en gezondheid toe te passen. De kennis over sekse- en genderspecifieke aspecten in epidemiologie, ontstaanswijze, pathofysiologie, diagnostiek, beloop en effecten van behandeling neemt toe. Het groeiend kennisdomein maakt een vertaling naar de dagelijkse praktijk noodzakelijk. Daarin voorziet dit boek.

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde, een handboek voor de praktijk stelt de verschillen tussen vrouwen en mannen in diverse levensfasen centraal. Het heeft oog voor verschillen in aard en presentatie van klachten in de spreekkamer, en voor de manier waarop vrouwen en mannen communiceren over, en omgaan met ziekte. Verder komen aan de orde onder meer pijn, aanhoudende lichamelijke klachten, IBS, fecale incontinentie, ziekte van Parkinson, pijnlijke gewrichten, dyspnoe, pijn op de borst, diabetes mellitus, schildklieraandoeningen, infecties, psoriasis, problematisch alcoholgebruik, stoppen met roken, stress, partnergeweld, rouwreacties, populatie gerichte zorg, genetica, en farmacotherapie.

Meer dan veertig auteurs schreven mee aan Gendersensitieve huisartsgeneeskunde. De redactie was in handen van Toine Lagro-Janssen, hoogleraar Vrouwenstudies Medische Wetenschappen en kaderhuisarts urogynaecologie np, en Doreth Teunissen, huisarts en kaderhuisarts urogynaecologie.

Gendersensitieve huisartsgeneeskunde | Een handboek voor de praktijk
SKU: 9789036827065
Onder redactie van: prof. dr. Toine Lagro-Janssen en dr. Doreth Teunissen

Meer informatie en aanschaf >>