Chronisch nierfalen vanuit een geriatrisch perspectief

Wereldwijd worden we steeds ouder en is de levensverwachting sterk gestegen. Als gevolg van de veroudering stijgt ook het vóórkomen van chronische ziekten.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Senior Woman behind a window (Solitude) Usage: Journal Inside 15006_160_001 (2017) Publikationsname / Publikationsnummer / E-Tag TT.MM.JJJJ (optional) Usage: Online (20190107) *** Local Caption *** © francesco_de_napoli / Getty Images / iStock


Chronisch nierfalen komt steeds meer voor onder ouderen. Daarnaast wordt chronisch nierfalen ook beschouwd als een model van versnelde veroudering. Zowel het chronisch nierfalen zelf, alsook de complicaties van chronisch nierfalen kunnen leiden tot een neerwaartse spiraal van achteruitgang in cognitief en fysiek functioneren, en uiteindelijk tot verlies van zelfredzaamheid, stelt Polinder-Bos.

Bij ouderen kan er sprake zijn van een geriatrische syndroom, een syndroom waarbij een of meer symptomen het gevolg zijn van meerdere aandoeningen tegelijkertijd en dus niet passen binnen één ziektecategorie of orgaan. Geriatrische syndromen, zoals vallen of verwardheid, komen vaak voor bij patiënten met chronisch nierfalen. Polinder-Bos richt zich in haar proefschrift op een aantal geriatrische problemen die te maken hebben met de spieren, mobiliteit en hersenen bij patiënten met gevorderde chronische nierziekte die (nog) niet of al wel dialyseren. Het doel van haar proefschrift is chronisch nierfalen vanuit een geriatrisch perspectief te bestuderen.

Als eerste onderzocht ze de spiermassa door een stofje, namelijk creatinine, in de urine te meten. Van de mensen met gevorderde nierziekte had 38% een zeer creatinine-uitscheiding in de urine en dus een zeer lage spiermassa in vergelijking met gezonde mensen. Deze lage creatinine uitscheiding werd geassocieerd met fysieke kwetsbaarheid. In een studie met dialysepatiënten kwam anderzijds naar voren dat een hogere creatinine-uitscheiding gerelateerd was aan een betere spierkracht en een betere fysieke gezondheid.

Daarna keek Polinder-Bos naar het aantal valincidenten bij dialysepatiënten van 70 jaar en ouder. Ze ontdekte dat gedurende 1 jaar follow-up 55% van de dialysepatiënten tenminste één keer viel. Deze valfrequentie is vergelijkbaar met de valfrequentie bij mensen die in een verpleeghuis wonen. In 15% van de valincidenten ontstond een botbreuk.

Tenslotte richtte ze zich in haar onderzoek op de hersenen. In de hersenen van hemodialyse patiënten werd in eerdere studies veel vaker vaatschade dan bij gezonde mensen. Ook hebben hemodialysepatiënten vaker cognitieve stoornissen. Uit het onderzoek van Polinder-Bos bleek dat de doorbloeding van de hersenen tijdens hemodialyse met 10% afneemt bij oudere patiënten. Dit is mogelijk één van de mechanismen die de vaatschade in de hersenen en cognitieve stoornissen bij hemodialysepatiënten verklaart. Er is eerder aandacht besteed aan dit gedeelte van haar onderzoek, zie link onder gerelateerde informatie

Harmke Polinder-Bos (1984) studeerde geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. Aansluitend begon zij in 2009 met haar opleiding tot klinisch geriater en werkte daarvoor in verschillende ziekenhuizen in de regio Utrecht. Vanaf eind 2013 startte zij met het promotieonderzoek bij de afdeling Nefrologie van het UMCG.  Polinder-Bos heeft op 9 januari 2019 haar proefschrift verdedigd en haar opleiding tot klinisch geriater afgerond.

Ga voor meer informatie over het proefschrift naar A geriatric perspective on chronic kidney disease – the three M’s.

Bron: Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG)
Beeld: francesco_de_napoli / Getty Images / iStock