Schaafwonden | Diagnose en beleid

Schaafwonden (excoriaties) zijn oppervlakkige verwondingen waarbij meestal alleen de epidermis en kleine delen van de dermis beschadigd zijn. Uitgebreide schaafwonden zijn dikwijls verontreinigd. De voornaamste reden van consultatie is wondbehandeling.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

Ziektebeeld

Ook kunnen ouders met hun kind komen voor pijnbestrijding en vragen over tetanusvaccinatie. De prognose van schaafwonden is goed. Diverse factoren, zoals een systeemziekte (bijvoorbeeld diabetes mellitus) en medicijngebruik (corticosteroïden, cytostatica) kunnen de wondgenezing nadelig beïnvloeden.

Prevalentie

De incidentie van schaafwonden is onbekend. De huisarts zal slechts het topje van de ijsberg onder ogen krijgen. Schaafwonden worden geregistreerd als schaafwond, schram, blaar (ICPC S17). De gezamenlijke incidentie bij kinderen tot 14 jaar is 8,6 per 1000 patiënten per jaar. In de leeftijdsgroep 5 tot 9 jaar is de incidentie het hoogst (9,9/1000 per jaar).

Diagnose

Kennis over de ontstaanswijze helpt bij het inschatten van de mate van beschadiging . Verder is het tijdstip van verwonding belangrijk. Wonden ouder dan 6 uur zijn meestal geïnfecteerd. Ook is het van belang of er nadelige factoren zijn, bijvoorbeeld diabetes mellitus of medicijngebruik (corticosteroïden, cytostatica). Ook wanneer de laatste vaccinatie tegen tetanus is gegeven, is van belang.

Het onderzoek bestaat voornamelijk uit lokale inspectie. Vaak zijn petechiale bloedingen vanuit de dermis. Soms is er aanzienlijk bloedverlies. De wond kan zeer pijnlijk zijn door beschadiging van oppervlakkige zenuwuiteinden. Bij het onderzoek worden ook de diepte, de uitgebreidheid, de lokalisatie en de mate van contaminatie van de schaafwond en bovendien de aanwezigheid van corpora aliena zoals grind beoordeeld.

Behandeling

Schaafwonden moeten allereerst grondig (mechanisch) worden gereinigd, bij voorkeur met stromend kraanwater. Bij ernstige verontreiniging van het wondgebied is het gebruik van een borsteltje (en eventueel een pincet) soms noodzakelijk. Verdoof de schaafwond dan met een lidocaïne 10%-spray. Na het reinigen ontsmetten met povidonjood of chloorhexidine. Als de aandoening niet al te uitgebreid is, kan met een desinfectans worden volstaan.

Afhankelijk van de grootte, de diepte en de lokalisatie is het soms goed om de schaafwond aan de lucht laten drogen of afdekken. Afdekken is van belang op huiddelen onder kleding en bij diepere schaafwonden. Ook kan gekozen worden voor droge wondgenezing met paraffinegazen of niet-hechtende absorberende kompressen of voor natte wondgenezing. Bij langer bestaande en/of ernstig verontreinigde schaafwonden kan gekozen worden voor povidonjoodzalfgaas of voor lokale toepassing van een antibioticum (fusidinezuurcrème).

Stafylokokken en streptokokken zijn de belangrijkste veroorzakers van huidinfecties. Er kan dan worden gekozen voor een povidonjoodzalfgaas of voor lokale toepassing van fusidinezuur.

Bron: Tijdschrift: Praktische Huisartsgeneeskunde
Beeld: © Joanna Zielinska / fotolia.com