Maligne huidtumoren in beeld | Plaveiselcelcarcinoom

Plaveiselcelcarcinomen (PCCs) zijn meestal gelokaliseerd in het hoofd-halsgebied (bij mannen vooral op de onderlip en de oren), op de handruggen en de onderarmen. De tumor ontstaat zelden op een normale, gezond uitziende huid.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

 

Meestal zijn er tekenen van cutane beschadiging door ultraviolet licht (dermatoheliosis) zoals atrofie, pigmentverschuiving (waaronder lentigines solares: ‘ouderdomsvlekken’, ‘levervlekken’), rimpels, teleangiëctasieën en gelige verkleuring (seniele elastoïdose). Het eerste teken van een beginnende maligniteit is verdikking van de huid (induratie), vaak is er hyperkeratose. PCCs kunnen plaquevormig zijn, verruceus, een tumoreuze groei vertonen (papel, nodulus, nodus) of ulcereren.

Behandeling

Een PCC dient chirurgisch verwijderd te worden. Vanwege de kans op metastasering en omdat patiënten met een PCC een verhoogd risico op andere (pre)maligne tumoren hebben, is verwijzing naar een dermatoloog aan te bevelen. Uit preventief oogpunt dient de patiënt die een PCC gehad heeft op aan zonlicht blootgestelde delen, geïnstrueerd te worden om de zon zoveel mogelijk te vermijden, een hoed of pet te dragen en om elke morgen voordat hij naar buiten gaat (ook in de winter), een zonnebrandmiddel met een beschermingsfactor van > 20 aan te brengen op zijn hoofd, gezicht en handruggen dat bescherming biedt tegen zowel UV-A als UV-B.

Prognose

PCCs kunnen lymfogeen metastaseren; uitzaaiing via de bloedvaten komt heel weinig voor. De vijfjaarsoverleving van patiënten met een PCC is 95%. Metastasering van PCCs is afhankelijk van de lokalisatie (oor, lippen, genitalia en slijmvliezen hebben een slechtere prognose) en infiltratiediepte van de tumor. PCCs dunner dan 2 mm metastaseren vrijwel nooit. PCCs met een infiltratiediepte van 6 mm daarentegen hebben een hoge kans op metastasen (16%) en lokale recidieven (12%), met een ziektevrije overleving van 80%. Slecht gedifferentieerde tumoren hebben een slechtere prognose.

Tumoren op de handruggen die ontstaan uit actinische keratosen, groeien langzaam en metastaseren niet snel. In het geval van PCCs in littekens of ulcera, bij een grootte > 2 cm, bij tumoren die ontstaan uit de ziekte van Bowen en in het geval van immuunsuppressie is de prognose slechter. In 2006 overleden ongeveer 110 personen in Nederland aan een PCC. De sterfte per 100 000 persoonsjaren was in dat jaar 0,6 voor mannen en 0,4 voor vrouwen.

Controles

Patiënten met een PCC, zeker patiënten met een hoog risico (sterke zonbeschadiging van de huid, hoogrisicolokalisaties, transplantatiepatiënten e.d.), dienen regelmatig gecontroleerd te worden. Er zijn geen gepubliceerde algemeen geaccepteerde controleschemata. Wij adviseren bij hoogrisicopatiënten een follow-up van minstens 3-5 jaar. Daarbij neemt de controlefrequentie per jaar af, van eens per 2 maanden in het eerste jaar naar eens per 3 maanden in het tweede jaar enzovoort.