Het tekort aan huisartsen raakte mij vol op de neus | Column Abdelkader Benali

"Bij de huisartsenpraktijk waar iedereen zo laaiend enthousiast over was, ging ik me aanmelden. Wat er toen gebeurde, geloof ik nog steeds niet, terwijl ik het wel zelf heb meegemaakt."

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

 

Column Abdelkader Benali

Het tekort aan huisartsen raakte mij vol op de neus

In de week dat een cruiseschip vol Westerse toeristen tevergeefs probeerde aan te meren in een Aziatische haven, lukte het me niet om een huisarts te vinden in Amsterdam. Een tandarts houden we nog lang aan, ik heb veel vrienden die nog altijd de tandarts van hun jeugd bezoeken. Ik heb vrienden die de tandarts van de jeugd van hun ouders bezoeken. Een huisarts is een ander verhaal. Een huisarts is een dienstverlener, de tandarts is een verlengstuk van ons gebit.

Een fotomodel als secretaresse

Een mooie jonge vrouw nam hautain plaats in haar stoel. Een fotomodel als secretaresse. Ze keek me verveeld aan. Ik vertelde haar dat ik had gehoord dat dit een uitstekende huisartsenpraktijk was. Met stroop vangt men vliegen. Zelfs haar schouders haalde ze niet op. Ze kende mijn type. “We zitten vol”, was het antwoord. Er was niets in haar dat aanstalten maakte om haar onverschilligheid ten opzichte van mijn wanhoop te verbergen. Het hoofd, geboetseerd naar de ideaalvormen voor een selfie op Instagram, ging snel verder met haar leven. Kon ik dan echt geen empathie verwachten als beloning voor mijn poging? Ik stond te trillen op mijn benen.

Een van de mooie privileges van het opgroeien in een verzorgingsstaat is dat de basisvoorzieningen op orde zijn. Elke migrant weet dit. Je gaat naar het Westen niet voor de luxe supermarkten of groene parken, je gaat voor de basisvoorzieningen, want die zijn er op orde. Dat is niet meer. Een huisarts, een verpleger, een docent: deze mensen staan niet meer bij voorbaat voor je klaar. Deze onzekerheid leidt tot psychologische stress die niet met een rondje mindfulness op te lossen valt – de nieuwe panacee om de toegenomen druk in de Westerse wereld het hoofd te bieden. Ik wil alleen geen meditatie, ik wil een huisarts, het liefst zo een die tegen z’n pensioen aanhikt en een poster van een impressionist achter zich heeft hangen.

Niemand ziek, toch afgewezen

Ik moest denken aan de mensen op het cruiseschip Westerdam. Niemand ziek, toch afgewezen. Geen haven die ze wil hebben. Zwaaien met de portemonnee helpt niet. Je had net zo goed niet kunnen bestaan. De ophaalbrug gaat niet voor je neer.

Alsof je een ziekte met je meedraagt. De ziekte, dat ben jij! Het systeem heeft geen ruimte voor zieken. Voor de Joods-Franse filosoof Levinas is een basisvoorwaarde voor empathie dat het ego zich veilig voelt. Goed gevoed zijn en een onderdak hebben is dus een eerste voorwaarde om in contact te kunnen treden met de ander. Dan ontstaat er ruimte voor begrip. Maar het systeem dat we geschapen hebben, lijkt steeds minder ruimte over te laten voor een gezond zelf. En wie eenmaal binnen is, vergeet al te snel dat daar buiten anderen snakken naar diezelfde behandeling. Ik denk aan die jonge vrouw die me de deur wees. Ik miste zachtheid en begrip.

We vechten uiteindelijk niet voor gelijke rechten, we vechten om niet geweigerd te worden. Want geweigerd worden maakt ons onmenselijk. En doodziek.

Abdelkader Benali (1975) is schrijver. In 1996 debuteerde hij met ‘Bruiloft aan zee’, in 2003 won hij de Libris Literatuur Prijs voor zijn roman ‘De langverwachte’. Om de week schrijft hij voor Trouw een column. Lees ze hier terug.

Bron: Trouw