
Casus
Presentatie
Een jongen van 2,5 jaar wordt door zijn moeder gezien vanwege opvallend drinkgedrag. Zij vertelt dat hij voortdurend om water vraagt, zowel overdag als ’s nachts. De luiers zijn vrijwel steeds volledig verzadigd en lekken regelmatig door. Het kind is verder actief, speelt normaal en maakt geen zieke indruk.
Er is geen sprake van koorts, braken, gewichtsverlies of verminderde eetlust. De klachten zijn geleidelijk ontstaan in de afgelopen maanden. De moeder vraagt zich af of het om gewoontevorming gaat, maar merkt dat haar zoon onrustig en prikkelbaar wordt wanneer zij het drinken probeert te beperken. Uit bezorgdheid over diabetes heeft zij urine meegenomen voor onderzoek.
De totale vochtinname is lastig te kwantificeren vanwege opvangdagen. Er zijn geen aanwijzingen voor obstipatie, urineweginfecties of relevante medische voorgeschiedenis. Zwangerschap en partus verliepen ongecompliceerd. In de familie zijn geen bekende erfelijke aandoeningen.
Onderzoek in de huisartsenpraktijk
Bij lichamelijk onderzoek oogt het kind vitaal en alert. De vitale parameters zijn normaal. Er zijn geen afwijkingen bij algemeen of systematisch onderzoek. Het gewicht bevindt zich rond de 25e percentiellijn; eerdere groeicurves zijn niet direct beschikbaar.
Urineonderzoek met dipstick toont geen glucose en geen ketonen.
Eerste beoordeling
Gezien het normale klinische beeld en de onopvallende bevindingen wordt de moeder gerustgesteld. Afgesproken wordt om het beloop af te wachten en contact op te nemen bij veranderingen of aanhoudende zorgen.
Vervolg
Twee weken later komt de moeder opnieuw. Zij ervaart dat de dorst en het nat worden van de luiers onverminderd aanwezig zijn en mogelijk toenemen. Zij geeft aan dit niet passend te vinden bij normaal peutergedrag en maakt zich zorgen dat er iets wordt gemist.
Lezersvraag
Welke aanvullende onderzoeken zijn in deze situatie in de huisartsenpraktijk zinvol voordat verwijzing wordt overwogen?
En aan welke diagnose moet worden gedacht?




