Wat is het WPW-syndroom?
Het Wolff-Parkinson-White (WPW) syndroom is een aangeboren afwijking waarbij er een extra elektrische verbinding is tussen de boezems en de kamers van het hart. Deze verbinding, de zogenaamde bundel van Kent, kan zorgen voor een snelle hartslag en hartritmestoornissen. De normale prikkelgeleiding van het hart wordt hierdoor omzeild, wat leidt tot episodes van een sterk verhoogde hartfrequentie (meer dan 200 slagen per minuut).
Normale werking van het hart
Bij een gezond hart ontstaat de elektrische prikkel in de sinusknoop, die zich in de rechterboezem bevindt. De prikkel verspreidt zich vervolgens over de boezems en bereikt de AV-knoop, die als een vertraging werkt voordat de prikkel naar de kamers gaat. Deze vertraging is cruciaal om te voorkomen dat de kamers te snel samentrekken. Bij WPW-patiënten wordt deze vertraging echter deels omzeild door de bundel van Kent, wat kan leiden tot gevaarlijke ritmestoornissen.
Symptomen van het WPW-syndroom
De klachten van het WPW-syndroom variëren per patiënt en kunnen bestaan uit:
- Snelle hartslag (tachycardie)
- Hartkloppingen of bonzend gevoel in de borst
- Duizeligheid of neiging tot flauwvallen
- Kortademigheid
- Pijn op de borst
- Misselijkheid en zweten
Niet iedereen met een WPW-patroon op een ECG ervaart symptomen. Soms wordt de diagnose pas gesteld na klachten, maar het kan ook dat de patiënt asymptomatisch blijft.
Boezemfibrilleren en ventrikelfibrilleren
Bij sommige patiënten kan de bundel van Kent de prikkels ongecontroleerd doorgeven, wat kan leiden tot boezemfibrilleren of zelfs ventrikelfibrilleren. Dit laatste is een levensbedreigende aandoening waarbij het hart niet meer in staat is om bloed rond te pompen. Een acute interventie met een defibrillator kan noodzakelijk zijn om het normale hartritme te herstellen.
Diagnose van het WPW-syndroom
De diagnose WPW-syndroom wordt vaak gesteld via een ECG (elektrocardiogram). Hierop is het WPW-patroon zichtbaar door karakteristieke afwijkingen, zoals een verkorte PR-interval en een delta-golf. Indien de patiënt klachten heeft, spreekt men van het WPW-syndroom in plaats van een WPW-patroon.
Aanvullend onderzoek
Bij vermoeden van ritmestoornissen kan een elektrofysiologisch onderzoek (EFO) worden uitgevoerd om het risico op ernstige complicaties in te schatten. Dit onderzoek helpt ook bij het bepalen van de meest geschikte behandeling.
Behandelopties bij WPW-syndroom
De behandeling van het WPW-syndroom hangt af van de ernst van de symptomen en de bevindingen van het elektrofysiologisch onderzoek.
Vagale manoeuvres
Tijdens een aanval kunnen vagale manoeuvres helpen om de hartslag te verlagen. Voorbeelden hiervan zijn:
- De Valsalva-manoeuvre: de patiënt houdt de neus dicht en blaast hard tegen een gesloten mond.
- Adem inhouden of hoesten: dit stimuleert de nervus vagus, wat kan zorgen voor een vertraging van de hartslag.
Medicamenteuze behandeling
Als vagale manoeuvres onvoldoende werken, kan medicatie nodig zijn om de ritmestoornissen te stoppen of te voorkomen. Hierbij wordt vaak gekozen voor anti-aritmica. Bij een acute aanval kan cardioversie (medicatie of een elektrische schok) noodzakelijk zijn.
Ablatie van de bundel van Kent
Een definitieve behandeling voor patiënten met regelmatig terugkerende klachten is ablatie. Hierbij wordt de bundel van Kent met behulp van een katheter weggebrand. Dit leidt doorgaans tot het verdwijnen van de ritmestoornissen en maakt verdere controle overbodig.
Prognose
De prognose voor patiënten die succesvol behandeld zijn met ablatie is over het algemeen goed. Bij ouderen kunnen de symptomen soms spontaan verdwijnen doordat de bundel van Kent het vermogen verliest om elektrische prikkels door te geven.
Veelgestelde vragen
1. Wat is het verschil tussen een WPW-patroon en het WPW-syndroom?
Een WPW-patroon is een afwijking op het ECG die wijst op de aanwezigheid van een extra bundel (de bundel van Kent), maar zonder symptomen. Wanneer de patiënt klachten ervaart, zoals hartkloppingen of duizeligheid, spreken we van het WPW-syndroom.
2. Is ablatie altijd de beste keuze voor behandeling?
Ablatie is de voorkeursbehandeling voor patiënten met frequent terugkerende klachten, omdat het de oorzaak van de ritmestoornissen definitief kan wegnemen. Bij asymptomatische patiënten of milde klachten kan medicamenteuze behandeling of afwachten ook een optie zijn.
3. Kunnen symptomen van het WPW-syndroom spontaan verdwijnen?
Ja, bij sommige oudere patiënten kan de bundel van Kent het vermogen om prikkels te geleiden verliezen, waardoor de symptomen verdwijnen. Dit gebeurt echter niet bij alle patiënten.