Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Rosacea

fediverbeek
Een overzicht voor huisartsen over rosacea: klinische presentatie, diagnostiek, uitlokkende factoren en actuele behandelopties.
Unsplash

Rosacea is een chronische inflammatoire huidaandoening die voornamelijk voorkomt in het gelaat en zich kenmerkt door episoden van roodheid, papels en pustels. De aandoening treft vooral volwassenen tussen 30 en 60 jaar en kan een aanzienlijke impact hebben op het psychosociaal functioneren. De huisarts speelt een belangrijke rol in vroege herkenning en adequate behandeling.

 

Pathofysiologie

De pathogenese van rosacea is multifactorieel en nog niet volledig opgehelderd. Factoren die een rol spelen zijn:

  • vasculaire dysregulatie (verhoogde vasoreactiviteit)
  • aangeboren immuunactivatie
  • micro-organismen zoals Demodex folliculorum
  • omgevingsfactoren

Deze mechanismen leiden tot chronische ontsteking en vasodilatatie in het gelaat.

 

Klinisch beeld

Rosacea presenteert zich met verschillende klinische kenmerken, die al dan niet gelijktijdig voorkomen.

 

Kenmerkende symptomen

  • persisterend erytheem in het centrale gelaat
  • flushes (aanvalsgewijze roodheid)
  • papels en pustels zonder comedonen
  • teleangiëctasieën

Subtypen (klinische indeling)

Hoewel de indeling minder strikt wordt gehanteerd, zijn de volgende patronen herkenbaar:

  • erythemateuze rosacea (met flushes en persisterende roodheid)
  • papulopustuleuze rosacea
  • phymateuze rosacea (bijv. rhinophyma)
  • oculaire rosacea (blefaritis, conjunctivale klachten)

Congres
Huidproblematiek
Praktische inzichten en handvatten voor de zorgpraktijk.


Bekijk congres →

Congres Huidproblematiek

Diagnostiek

De diagnose rosacea is klinisch en gebaseerd op het typische beeld en de lokalisatie.

 

Differentiële diagnose

Belangrijke differentiaaldiagnosen zijn:

  • acne vulgaris (met comedonen)
  • seborroïsch eczeem
  • lupus erythematosus
  • periorale dermatitis
  • contacteczeem

Bij atypische kenmerken of systemische klachten kan aanvullend onderzoek nodig zijn.

 

Uitlokkende factoren

Patiënten rapporteren vaak verergering door externe prikkels. Veelvoorkomende triggers zijn:

  • zonblootstelling
  • alcoholgebruik
  • warme dranken
  • gekruid eten
  • temperatuurwisselingen
  • stress

Het identificeren en vermijden van persoonlijke triggers kan bijdragen aan symptoomcontrole.

 

Behandeling in de eerste lijn

De behandeling is gericht op het verminderen van ontsteking en erytheem, en het beperken van exacerbaties.

 

Algemene maatregelen

  • gebruik van milde huidverzorgingsproducten
  • dagelijkse zonbescherming (SPF)
  • vermijden van bekende triggers

Topicale therapie

Bij milde tot matige rosacea:

  • metronidazol crème of gel
  • ivermectine crème
  • azelaïnezuur

Deze middelen verminderen ontstekingslaesies en erytheem.

 

Systemische behandeling

Bij matige tot ernstige rosacea of onvoldoende effect van lokale therapie:

  • orale tetracyclines (bijv. doxycycline in lage dosering)

Deze hebben een anti-inflammatoire werking en worden meestal tijdelijk ingezet.

 

Oculaire rosacea

Oogklachten kunnen bestaan uit:

  • droge ogen
  • branderig gevoel
  • blefaritis

Bij verdenking op oculaire betrokkenheid:

  • ooglidhygiëne
  • eventueel verwijzing naar oogarts

Indicaties voor verwijzing

  • onvoldoende effect van eerstelijnsbehandeling
  • ernstige of therapieresistente rosacea
  • phymateuze veranderingen
  • diagnostische twijfel

Begeleiding en voorlichting

Rosacea heeft een chronisch en fluctuerend beloop. Voorlichting is gericht op:

  • realistische verwachtingen van behandeling
  • herkennen van exacerbaties
  • therapietrouw

Aandacht voor psychosociale impact is van belang, gezien de zichtbare aard van de aandoening.

 

Tot slot

Rosacea is een veelvoorkomende huidaandoening met een herkenbaar klinisch beeld. De huisarts kan in de meeste gevallen de diagnose stellen en behandeling starten. Door aandacht voor uitlokkende factoren, adequate therapie en goede begeleiding kan de ziektelast worden beperkt. Tijdige verwijzing is aangewezen bij onvoldoende effect of atypische presentatie.