Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Zelfdoding onder tienermeisjes neemt toe

fediverbeek
Het aantal zelfdodingen onder tienermeisjes is de afgelopen twintig jaar sterk gestegen. Wat betekenen de nieuwste CBS-cijfers voor huisartsen en hoe herken je suïcidaliteit bij jongeren?
Unsplash

Zelfdoding blijft de belangrijkste doodsoorzaak onder Nederlandse tieners. Nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) laten zien dat het aantal suïcides onder meisjes tussen de 10 en 20 jaar in de afgelopen twintig jaar meer dan is verdubbeld. Hoewel mannen nog altijd vaker overlijden door suïcide, valt vooral de relatieve stijging onder jonge vrouwen op.

Voor huisartsen onderstrepen deze cijfers het belang van vroegsignalering, een laagdrempelig gesprek over psychische klachten en tijdige verwijzing wanneer sprake is van suïcidale gedachten.

 

Zelfdoding blijft de belangrijkste doodsoorzaak onder tieners

Onder jongeren komt overlijden gelukkig relatief weinig voor. Wanneer dit wel gebeurt, is suïcide inmiddels de belangrijkste doodsoorzaak binnen de tienerleeftijd.

De nieuwste CBS-cijfers laten zien dat het aantal zelfdodingen onder meisjes duidelijk is toegenomen ten opzichte van twintig jaar geleden. Ook bij jonge vrouwen tussen de 20 en 30 jaar is een stijgende trend zichtbaar.

Bij mannen blijft het absolute aantal suïcides nog altijd aanzienlijk hoger, maar de ontwikkeling onder jonge vrouwen vraagt volgens deskundigen om extra aandacht.

 

Waarom juist tienermeisjes?

Er bestaat geen eenvoudige verklaring voor de stijging. Suïcidaliteit ontstaat vrijwel altijd door een samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren.

Bij jongeren spelen onder meer stemmingsstoornissen, angststoornissen, traumatische ervaringen, pestgedrag, prestatiedruk, identiteitsontwikkeling en problemen binnen het gezin of sociale netwerk een rol.

Daarnaast wijzen onderzoekers op de mogelijke invloed van sociale media, voortdurend vergelijken met anderen, online pesten en de toegenomen psychische druk die veel jongeren ervaren. Deze factoren kunnen bestaande kwetsbaarheid versterken, maar vormen zelden de enige oorzaak.

 

Psychische klachten gaan vaak vooraf

De meeste jongeren die suïcidale gedachten ontwikkelen, kampen al langere tijd met psychische klachten.

Depressieve symptomen, angst, gevoelens van hopeloosheid, automutilatie, slaapproblemen of sociale terugtrekking kunnen belangrijke signalen zijn. Ook lichamelijke klachten zonder duidelijke somatische verklaring komen regelmatig voor als uiting van onderliggende psychische problematiek.

Voor huisartsen is het daarom belangrijk alert te blijven wanneer jongeren zich herhaaldelijk presenteren met onverklaarde lichamelijke klachten, vermoeidheid of aanhoudende somberheid.

 

De huisarts speelt een sleutelrol in vroegsignalering

Voor veel jongeren is de huisarts de eerste zorgverlener met wie psychische klachten worden besproken.

Een vertrouwelijke consultsetting kan helpen om gevoelens bespreekbaar te maken. Jongeren vertellen niet altijd spontaan over suïcidale gedachten, uit angst, schaamte of omdat zij denken anderen tot last te zijn.

Het actief uitvragen van suïcidaliteit vergroot deze gedachten niet. Integendeel: onderzoek laat zien dat een open en empathisch gesprek juist ruimte kan bieden om zorgen te delen en passende hulp te organiseren.

 

Signalen die extra alertheid vragen

Hoewel suïcidaliteit zich niet altijd laat voorspellen, zijn er verschillende signalen die aanleiding geven tot nadere exploratie.

Plotselinge gedragsveranderingen, sociale isolatie, sterke stemmingswisselingen, verlies van interesse, schooluitval, automutilatie, middelengebruik of uitspraken over uitzichtloosheid verdienen altijd aandacht. Ook jongeren die onverwacht opvallend rustig lijken nadat zij langere tijd ernstig somber zijn geweest, kunnen extra kwetsbaar zijn.

Het risico neemt verder toe bij eerdere suïcidepogingen, psychiatrische aandoeningen of een familiegeschiedenis met suïcidaliteit.

 

Samenwerking binnen de eerstelijn

Goede zorg voor jongeren met psychische klachten vraagt vaak om samenwerking tussen huisarts, POH-GGZ, jeugd-GGZ, school en ouders of verzorgers.

Bij een verhoogd suïciderisico is snelle beoordeling noodzakelijk en kan verwijzing naar de gespecialiseerde GGZ of crisisdienst aangewezen zijn. Tegelijkertijd blijft ook de rol van de huisarts belangrijk tijdens het verdere behandeltraject, onder andere voor monitoring, medicatiecontrole en ondersteuning van het gezin.

 

Ook aandacht voor preventie

Preventie begint vaak voordat sprake is van ernstige psychische problematiek.

Het bespreekbaar maken van stress, prestatiedruk, slaap, sociale media, pesten en middelengebruik kan bijdragen aan het vroeg herkennen van kwetsbaarheid. Daarnaast kan het versterken van beschermende factoren, zoals sociale steun, een stabiele thuissituatie en goede copingvaardigheden, helpen om het risico op suïcidaliteit te verkleinen.

 

Blijf alert, ook als klachten subtiel lijken

Niet iedere jongere met psychische klachten ontwikkelt suïcidale gedachten, maar vrijwel iedere jongere met suïcidaliteit heeft eerder signalen afgegeven die achteraf betekenisvol blijken.

Juist omdat deze signalen soms subtiel zijn, blijft het belangrijk om bij aanhoudende psychische of psychosomatische klachten laagdrempelig door te vragen naar stemming, functioneren en eventuele gedachten aan de dood.

 

Tot slot

De stijging van het aantal zelfdodingen onder tienermeisjes laat zien dat psychische gezondheid bij jongeren blijvende aandacht vraagt. Hoewel mannen nog altijd vaker overlijden door suïcide, vormt de toename onder jonge vrouwen een belangrijk signaal voor de eerstelijnszorg.

Voor huisartsen ligt een belangrijke taak in het vroeg herkennen van psychische klachten, het bespreekbaar maken van suïcidale gedachten en het organiseren van passende hulp. Door signalen tijdig op te vangen kan mogelijk ernstig leed worden voorkomen.